''Het besef over hoe deze buurten eraan toe zijn ontbreekt''

In gesprek met Maarten de Boer

Het betrekken van bewoners vormt een belangrijk uitgangspunt in de Amsterdamse aanpak van de ontwikkelbuurten. Wat vinden actieve bewoners eigenlijk van de gemeentelijke aanpak? We spreken met Maarten de Boer, oprichter van bewonersplatform Vogelbuurt-IJplein, over de problematiek in zijn buurt en de rol die hij verwacht van de gemeente. Een gesprek over lage energielabels, ‘ontmenging’, bewoners die renovaties afdwingen met rechtszaken en het belang van cijfers om tot een oplossing te komen.

Jan Schaefer was wethouder voor gemeente Amsterdam tussen 1978-1986, bekend van de uitspraak “in gelul kun je niet wonen”.

Wie ben je en waarom heb je het bewonersplatform opgericht?

“Ik ben hoofd stadsvernieuwingsbeleid geweest onder Jan Schaefer. Later ben ik bij toeval in de Vogelbuurt terecht gekomen. Sindsdien heb ik mij behoorlijk opgewonden over wat mijn opvolgers aan het doen zijn. Of eigenlijk aan het nalaten zijn, want er gebeurt simpelweg heel weinig. Ik heb het een tijd aangekeken, deed toen nog veel andere dingen. In 2018 ben ik begonnen om me met de buurt te gaan bemoeien. Er was toen nog geen bewonersplatform. Dit hebben we naar voorbeeld van een goed werkend bewonersplatform bij de Zuidas opgericht. De stedelijke vernieuwing is eigenlijk te grave gelegd in 2008, toen de economische crisis begon. Dat gold ook voor nieuwbouw, maar dat is in 2013 wel weer opgestart. Sindsdien ligt de nadruk echt op bouwen, bouwen, bouwen, maar over woningverbetering wordt bijna niet gesproken. Laat ik voorop stellen dat ik heel blij ben dat er nu wel weer beleid is voor achterstandswijken, maar de opgave wordt echt onderschat. Er zijn veel mooie praatjes, maar weinig concrete daden.”

Wat gebeurt er momenteel qua vernieuwing in de Vogelbuurt?

“In de Vogelbuurt wordt een blok van 145 woningen opgeknapt. Dit heeft een groep bewoners afgedwongen door te dreigen met rechtszaken. Een aantal van die bewoners heeft hun huis gekocht met toezegging van de corporatie dat de woning binnen 10 jaar zou worden opgeknapt, maar dat gebeurde niet. Nu komt er een tweede blok van 350 woningen aan die worden vernieuwd. Dat hebben wij vanuit het bewonersplatform ook via dreiging met rechtszaken afgedongen. Als je ziet dat er in totaal 4600 woningen zijn in de Vogelbuurt, dan is wel duidelijk dat er nog veel moet gebeuren. Er gebeuren dus wel dingen, maar alleen als bewoners aan de bel trekken. Er is geen structureel beleid. Ook het tussenrapport over de Ontwikkelbuurten laat zien dat de aantallen vernieuwde woningen nog heel povertjes zijn. Verder staat het hele rapport vol met wipkippen en buurtpleintjes. Prima dat die er zijn, maar het is wel heel zuur als dat het enige is wat er gebeurt. Het zijn eigenlijk zoethoudertjes.”

Waar ligt het aan denk je, dat er zo weinig gebeurt?

“Op de één of andere manier heerst het idee dat Amsterdam een rijke stad is. Maar als je naar de cijfers kijkt, is Amsterdam na Rotterdam de armste stad van het land. Dat besef, over hoe de woningen en de bewoners in dit soort buurten eraan toe zijn, dat leeft absoluut niet bij de gemeente. Er was hier een keer een projectmanager die over tweedeling ging. Die reed door de buurt heen en zei: het valt eigenlijk best mee. Toen zei ik: ben je daar wel eens binnen geweest? In de Vogelbuurt heeft 25% van de woningen het laagste energielabel. Dat is een aardige maat voor de kwaliteit. Als een woning niet geïsoleerd is, betaal je te veel aan energielasten. Het wooncomfort is laag, het is koud en het tocht. Daarnaast is de ventilatie en isolatie slecht, waardoor mensen last hebben van schimmel en geluidsoverlast. Kortom, een kwart van de buurt woont in een shitwoning. Dat zie je er aan de buitenkant niet af, want de woningen zijn best goed ontworpen.”

Naast die fysieke kant is er in veel ontwikkelbuurten ook sprake van sociale problematiek. Hoe gaat het daarmee in de Vogelbuurt?

“Iedereen maakt een onderscheid tussen sociale en fysieke problemen, maar een woning met een g-label is een sociaal probleem. Het is tochtig, schimmelig, gehorig. Dit is een sociaal probleem dat je kunt oplossen door die woning te verbeteren. Dit geldt niet voor sociale problemen zoals lage inkomens, dat is lastiger op te lossen. Maar de basis leg je wel door als maatschappij ervoor te zorgen dat mensen in een comfortabel huis wonen. Uiteindelijk brengt iedereen daar een groot deel van zijn tijd door. Verder zien we een toename van wat wij noemen ontmenging. Tot midden jaren ’60 waren wijken zoals de Vogelbuurt voor de lagere middenklasse. Daarna vertrokken mensen die het konden betalen richting Purmerend en vergelijkbare plekken. Dat was de eerste ronde van ontmenging. We zien nu een tweede ronde doordat vrijkomende woningen steeds meer worden toegewezen aan de allerlaagste inkomens en kwetsbare groepen. Terwijl Aedes hierover een alarmerend rapport heeft geschreven, wordt er met geen woord over gerept in de Tussenrapportage Ontwikkelbuurten. Wij hebben nu wel bij de corporaties bedongen dat er een rem komt op de toename van kwetsbare groepen. Maximaal 30% kan worden toegewezen aan die categorie, dat is het stedelijk gemiddelde, en ze worden verspreid over de wijk in plaats van allemaal naast elkaar. Zo willen we voorkomen dat er echt grote problemen gaan ontstaan.”

Het klinkt wel alsof je al best wat voor elkaar hebt gekregen vanuit het bewonersplatform…

Ze vinden mij een enorme lastpak. Dan denk ik, houden zo. Veel bewoners in ontwikkelbuurten hebben aan verkeerde kant van de loterij gestaan. Ze zijn in de verkeerde wieg geboren of hebben dingen meegemaakt. De huidige tijdsgeest is dat dit hun eigen schuld is, terwijl die mensen gewoon pech hebben gehad. Mensen voelen dit toch als persoonlijk falen. Ze hebben het idee dat er niet naar hen wordt geluisterd. Ze hebben al vaak genoeg laten weten wat hun wensen zijn, maar daar is nooit iets mee gedaan. De strijdbaarheid in de buurt is daardoor laag. Daarnaast zijn veel mensen bezig om te overleven. Hoe haal ik het einde van de maand met mijn budget? Die gaan echt niet kijken hoe het zit met de principenota. Dat is te ongrijpbaar en abstract.”

Wat verwacht je van de gemeente, als voormalig hoofd stadsvernieuwingsbeleid? Hoe kan de aanpak van de ontwikkelbuurten worden verbeterd?

Elke oplossing begint met een probleemstelling. Die ontbreekt helemaal. Er is geen kwantitatief beeld van de opgave. Wij wisten vroeger precies om hoe veel woningen het ging, we hadden een kwaliteitskaart van de woningen en we hadden een programma met verschillende fasen om alle woningen binnen 20 jaar aan te pakken. Dat is er nu allemaal niet. Daarnaast is het een beleid zonder budget. Er worden nu allemaal principenota’s gemaakt voor die buurten. Laatst vroeg ik aan een ambtenaar: heb je nu eigenlijk de optelsom van die begrotingen gemaakt? Heb je daar geld voor of moet er iets bij? Dat wisten ze niet. Daarover was ik echt verbijsterd.”

Welke gevolgen merk je van de coronapandemie in de buurt?

“Er zijn hier heel grote aantallen mensen die op flexcontracten draaien. De crisis hakt er voor hen stevig in. Mensen komen snel in de problemen. De voedselbank draait overuren. Daarnaast wonen er steeds meer studenten. Zij verdienen vaak bij in de horeca. Dat zijn allemaal kleine salarisjes, waardoor ze geen aanspraak kunnen maken op regelingen. Die vallen daardoor ook tussen wal en schip. Verder verwacht ik dat veel leuke dingen voor mensen weg zullen vallen. In de Vogelbuurt is maar één café, ik vermoed dat die failliet is gegaan. De grote klap zal vallen in het Hamerkwartier, want daar is veel horeca. Het is daar heel stil geweest de afgelopen maanden.”

Wat verwacht je van de gemeente in de aanpak van die nieuwe problematiek?

“Ik wil één groot compliment maken. De gemeente heeft laptops beschikbaar gesteld aan gezinnen die zo’n ding niet hadden, zodat de kinderen door kunnen leren. Dat is heel snel en efficiënt gegaan. Verder zie je dat de gemeente nu in de nesten komt. De toeristenbelasting valt weg, de bijstandsuitkeringen gaan omhoog en Amsterdam heeft aandelen in Schiphol. Er zal zwaar bezuinigd moeten worden. Er is wel een grote angst wat dit gaat betekenen voor de ontwikkelbuurten. Wordt er weer van alles naar achteren geschoven, nu we eindelijk een beetje op stoom beginnen te raken? Tijdens de vorige crisis is de woningbouw stilgelegd. Dat is zo ongeveer het slechtste wat je kan doen. Als je Nederland door deze nieuwe crisis wil helpen moet je woningbouw door laten gaan. Vooral de sociale woningbouw. Dit geeft een enorme impuls aan de economie en creëert vele banen, met heel beperkt risico. Er heeft nog nooit een sociale huurwoning leeg gestaan.”


Bewonersplatform Vogelbuurt-IJplein is een koepel van 8 bewonersorganisaties. Het platform oefent druk uit op de gemeente en corporaties om woningverbeteringtrajecten uit te voeren en denkt mee over plannen voor de langere termijn.

“Veel bewoners in ontwikkelbuurten hebben aan verkeerde kant van de loterij gestaan. Ze zijn in de verkeerde wieg geboren of hebben dingen meegemaakt. De huidige tijdsgeest is dat dit hun eigen schuld is, terwijl die mensen gewoon pech hebben gehad.”