Docenten over sociale ongelijkheid

Wat leren we studenten over dit thema?

Hoe wordt er binnen het onderwijs aandacht besteed aan sociale ongelijkheid? We vroegen Charlotte Kemmeren (Social Work), Maayke Jansen (Toegepaste Psychologie) en Marco Hofman (Bestuurskunde) hoe de thematiek van sociale ongelijkheid in hun opleiding terugkomt, wat de opleiding de studenten hier over wil meegeven en hoe de docenten zelf tegen deze thematiek aankijken.

Charlotte Kemmeren


Docent Social Work

Maayke Jansen


Docent Toegepaste Psychologie en Urban Management

Marco Hofman


Docent Bestuurskunde

Charlotte Kemmeren

"Sinds dit studiejaar zijn we bij de opleiding Social Work begonnen met het vak Sociale agenda, een vak dat alle studenten volgen ongeacht hun gekozen profiel. Binnen de Sociale agenda bespreken we maatschappelijke onderwerpen als context voor het sociaal werk. Studenten leren er om een stem te geven aan (groepen) mensen die zich door hun identiteit of omstandigheden in kwetsbare situaties bevinden en om belangrijke kwesties aan te kaarten, zoals duurzaamheid en sociale inclusie. In het eerste semester hebben ze gewerkt aan exposities waarin ze de verhalen van mensen in beeld brachten, zonder er direct als hulpverlener naar te kijken. Dit ging vaak over het begrijpen van posities en ervaringen van mensen en daarmee over het adresseren van sociale ongelijkheid. In hogere jaren gaan studenten binnen de Sociale agenda aan de slag met onderzoek en beïnvloeding van beleid.

Niet elke student zag direct het nut in van het exploreren van dit soort thema’s binnen hun opleiding tot sociaal werker. Tijdens een bezoek aan een Amsterdamse buurt voor het project MyCityYourCity, waarbij studenten een enquête afnamen in de buurt en de resultaten vergeleken met Antwerpen en New York, sprak één van hen me aan. “Waarom doen we dit eigenlijk?” vroeg ze. Over de lessen binnen haar profiel ‘Langdurige zorg’ was ze wel tevreden. Wat voor werk ze zichzelf zag doen, vroeg ik. “Ik zou wel met jongeren in detentie willen werken”. Waarom die jongeren in detentie zouden zitten? “Misschien door de buurt waar ze vandaan komen?” Ook de rest vulde ze zelf in. Erg waardevol, dit soort uitwisselingen met eerstejaars studenten. Wat mij betreft is de Sociale agenda een plek waar elementaire gesprekken over sociale ongelijkheid gevoerd worden."

Binnen de Sociale agenda bespreken we maatschappelijke onderwerpen als context voor het sociaal werk. Studenten leren er om een stem te geven aan (groepen) mensen die zich door hun identiteit of omstandigheden in kwetsbare situaties bevinden en om belangrijke kwesties aan te kaarten, zoals duurzaamheid en sociale inclusie.

- Charlotte Kemmeren

Het raakt studenten dat crossdressers het zo moeilijk vinden aan hun diepe verlangen toe te geven om af en toe de andere sekse te zijn. Velen hadden hele andere gedachten over Piet en veranderen van mening door het verhaal van Mitchell. Olivier motiveert ze om kansenongelijkheid te bestrijden.

- Maayke Jansen

Maayke Jansen

"Toegepaste Psychologie is een generalistische studie. Studenten gaan werken met verschillende doelgroepen. Vanaf het eerste jaar is er aandacht voor sociale ongelijkheid. Zelf geef ik het derdejaars vak ‘Beleid in de Grote Stad’. Het draait daarin om het toepassen van psychologie bij een grootstedelijk vraagstuk. Jaarlijks belichten gastsprekers elk een sociaal vraagstuk.

Crossdresser Bianca vertelt bijvoorbeeld over de sociale ongelijkheid die crossdressers en travestieten tegenkomen. Mitchell Esejas (onder andere oprichter van The Black Archives) vertelt over zijn levensloop, zijn eenzijdige geschiedenislessen, en waarom Zwarte Piet voor hem racistisch is. Olivier Dutilh vertelt over zware drugscriminaliteit, wortels in kansenongelijkheid en de keuzes van jonge, vaak laagbegaafde kansarme mensen. Voor mij is de interactie tussen de studenten en gastsprekers een feest. Van Bianca willen ze horen hoe het crossdressen thuis wordt ervaren. Met Mitchell gaan ze in gesprek over de Zwarte Pieten-discussie. Olivier wordt bijvoorbeeld bevraagd over het legaliseren van drugs.

Om het vak te behalen maken studenten samenvattingen, waarin ze ook moeten aangeven wat hen persoonlijk aanspreekt in het verhaal van de gastspreker. Het raakt studenten dat crossdressers het zo moeilijk vinden aan hun diepe verlangen toe te geven om af en toe de andere sekse te zijn. Velen hadden hele andere gedachten over Piet en veranderen van mening door het verhaal van Mitchell. Olivier motiveert ze om kansenongelijkheid te bestrijden.

Naast de samenvattingen ontwikkelen studenten een beleidsadvies voor de burgemeester, onderbouwd met psychologische theorie. Het beoordelen van de beleidsadviezen is een feest, omdat de ideeën ook voor mij leerzaam zijn. Ik zie programma’s voor het basisonderwijs, ontmoetingsplekken voor crossdressers en rolmodellen voor jeugd in kansarme wijken. Zo bouwen we met de studenten aan een expliciet op de maatschappij betrokken psychologie."

Marco Hofman

"Binnen de opleiding Bestuurskunde doen we veel aan projectwerk en werken in de beroepspraktijk. Dit gaat om realistische opdrachten uit het bestuurskundige werkveld: openbaar bestuur, maatschappelijke organisaties, actie- en belangengroepen en bedrijven met een visie op maatschappelijk en duurzaam ondernemen. Het kan ook gaan om meewerkstages of afstudeeropdrachten. Het thema sociale ongelijkheid komt terug in projectopdrachten en het werken in de beroepspraktijk en binnen het theoretische onderwijs, bijvoorbeeld bij sociologie of politicologie.

De afgelopen jaren hebben onze studenten praktijkonderzoek gedaan naar bijvoorbeeld etnisch profileren, aanpak laaggeletterdheid of werking van buurtparticipatie. Studenten studeren ook vaak af op onderwerpen die met sociale ongelijkheid te maken hebben, zoals buurtbudgettering, sociale cohesie of het bereik van maatschappelijke basisvoorzieningen bij kwetsbare burgers.

Het is niet zozeer dat de opleiding ‘stuurt’ op dit thema; het is meer een politiek en beleidsthema dat zich vertaalt naar opdrachten waaraan onze studenten kunnen werken en leren van de weerbarstige praktijk. In zekere zin zijn de opdrachten aanbodgestuurd: wat op de beleidsagenda van het werkveld staat vormt ons aanbod. Wij gaan verder over de didactische en onderwijskundige kaders.

Persoonlijk denk ik dat de thematiek sociale ongelijkheid interessant is voor veel, maar niet per se alle studenten. Ze hebben hun voorkeuren qua inhoudelijke interesses en bovendien is onze populatie divers qua politieke overtuigingen. Dat vraagt mijns inziens om enige terughoudendheid in het omarmen van politieke en gepolitiseerde thema’s.

Dat is ook passender, denk ik, bij de rol van bestuurskundige die een maatschappelijk vraagstuk vanuit verschillende perspectieven moet kunnen bezien: sociologisch, politiek, organisatiekundig, economisch en juridisch. De opleiding is wat dat betreft ‘neutraal’ terrein, waar de analyse van het maatschappelijke vraagstuk en de aanpak daarvan van groter belang is dan de eventuele activistische rol die de bestuurskundige daarbij kan innemen."

Het is niet zozeer dat de opleiding ‘stuurt’ op dit thema; het is meer een politiek en beleidsthema dat zich vertaalt naar concrete opdrachten waaraan onze studenten kunnen werken en leren van de weerbarstige praktijk.

- Marco Hofman